NL | FR

+32 496 24 90 46 | info@net-men-kanker.be

NL | FR

NL | FR

  1. Hoofdpagina
  2.  » NET – Over NET

Over NET

Neuro-endocriene tumoren of NET, zijn een zeldzame vorm van kanker die hun oorsprong vinden in neuro-endocriene cellen door het hele lichaam.

NETs worden meestal aangetroffen in het maagdarmkanaal, de longen of de pancreas.

Ze worden gedefinieerd als functioneel of niet-functioneel. Functionele NET kenmerken zich door symptomen die worden veroorzaakt door de overproductie van hormonen en andere specifieke eiwitten. Niet-functionele NET kan worden gekenmerkt door symptomen die worden veroorzaakt door de groei van de tumor.

Symptomen verschijnen zodra de tumor hormonen produceert of in omliggende weefsels en organen groeit. NET-specifieke tekenen en symptomen omvatten, maar beperken zich niet tot, buikpijn, astma-achtige piepende ademhaling, diarree, vermoeidheid, misselijkheid, gewichtsverlies en ongebruikelijke bloeding.

NET heeft de neiging om langzaam te groeien. NET kan jarenlang geen of vage symptomen veroorzaken. Vaak worden deze onterecht aan andere meer gekende aandoeningen toeschreven. NET met vage symptomen kan jarenlang onder de radar blijven omdat hun klachten vergelijkbaar zijn met andere ziekten. Als gevolg hiervan wordt de diagnose NET vaak in een vergevorderd stadium gesteld, wat betekent dat de kankercellen zich hebben verspreid naar andere delen van het lichaam.

NET is zeldzaam

Alle NET kanker is zeldzaam.

Binnen de 22 soorten neuro-endocriene kankers is de ene soort al zeldzamer dan de andere. Elk jaar wordt bij minder dan 1 van de 2.000 mensen in België de diagnose NET gesteld. Het aantal NET diagnosen neemt wereldwijd toe. In Europa wordt een ziekte zeldzaam genoemd als ze minder dan 1 op 2000 mensen treft.

 

Zeldzame ziekten dragen het beeld van de zebra.

Artsen in opleiding krijgen het veelal zo te horen: “Bij hoefgetrappel denk je automatisch aan een paard maar het kan ook een zebra zijn”. Wat aangeeft dat galopperende paarden en zebra’s een identiek geluid maken maar artsen alert moeten zijn om de minder voorkomende zebra in de groep op te merken.

De vergelijking van een NET met de zebra is treffend. Steekvliegen raken gedesoriënteerd door het schemerig streeppatroon van de zebra. Zo ook misleidt NET de arts. Maar al te vaak is de verwarring van NET kanker met een beter gekende kanker groot. Zo wordt bijvoorbeeld een neuro-endocriene kanker aan de pancreas vaak pancreaskanker genoemd. En dat is fout want beide kankers verschillende sterk in prognose en behandeling.

Zebrastrepen zijn uniek, elke zebra vertoont een verschillend strepenpatroon. Zo ook de NET, onder de vele soorten NET gedraagt elke NET zich anders. Dat maakt neuro-endocriene tumoren bijzonder complex.

 

De zebra als NET mascotte.

De zebra is omwille van de sterke gelijkenis met NET het uithangbord en de mascotte voor neuro-endocriene kanker.

Het logo van NET & MEN Kanker patiëntenvereniging toont twee elkaar omhelzende zebra’s. Symbolisch voor de zorg rond lotgenoten. INCA roept ‘Netty‘ in het leven, een geillustreerde zebra. En het gekende gele kankerlintje krijgt een zebragestreept patroon.

Zebra is mascotte voor neuro-endocriene tumor

 

NET ontdekken

Een NET laat zich niet snel ontdekken, het kan jaren duren eer de diagnose gesteld wordt. De oorzaak kan zijn:

  • de NET veroorzaakt vage of geen klachten en symptomen
  • de NET groeit traag
  • de NET produceert geen hormonen

Daardoor wordt NET vaak ontdekt in een stadium waarbij de tumor reeds uitgezaaid is. Uitzaaiingen van NET ontstaan als eerste vaak in de lever. Een NET wordt soms bij toeval ontdekt, tijdens een operatie voor een andere aandoening, appendicitis bijvoorbeeld.

De kennis over neuro-endocriene tumoren is de laatste 10 jaren sterk geëvolueerd. De diagnose wordt sneller en juister gesteld. Dat komt deels door verbeterde scanapparatuur en beter herkennen bij de pathologie. Toch blijven teveel patiënten nog te lang met vage klachten rondlopen vooraleer de diagnose NET gesteld wordt. Verbreding van kennis blijft nodig om het ziektebeeld eerder te ontdekken en de patiënt veel ellende te besparen.

 

NET symptomen herkennen

Een NET die geen extra hormonen aanmaakt wordt ontdekt als het gezwel voel-of zichtbaar groter wordt of pijn geeft doordat het een ander orgaan hindert of een bloedvat afsluit.

Een NET die wel hormonen aanmaakt laat zich het best opsporen als hij overmatig hormonen produceert. Dat geeft wisselende, constante of periodiek aanhoudende klachten zoals: plotse aanvallen van roodheid in het gezicht (de arts noemt dit flushes), herhaaldelijke luchtwegen infecties, een terugkerende hoest, benauwdheid, piepende ademhaling, plotse aanvallen van intense vermoeidheid, vaak hoofdpijn, hartkloppingen, de indruk dat de buik continu opgezwollen is, misselijkheid, verminderde eetlust, maagzuur, in periodes terugkerende buikpijn en diarree, vermageren, …

Maar zelfs mensen die symptomen ervaren blijven vaak te lang onder de NET-radar doordat artsen de vage en sterk variërende klachten soms jarenlang banaliseren of verkeerd toeschrijven aan een meer voorkomende aandoening zoals bijvoorbeeld het prikkelbare darmsyndroom, de ziekte van Crohn, maagzweer, astma, gastritis of de menopauze.

Lees meer over specifieke NET-symptomen onder Diagnose NET.

 

De oorzaak van NET

Hoe NET kan ontstaan is nog onbekend. Erfelijkheid is zeer zeldzaam en speelt slechts bij zeer weinig NET een rol.

Er zijn geen testen die een NET in een heel vroeg stadium kunnen opsporen. Enkel bij een deel van de mensen die een NET hebben in de pancreas wordt onderzocht of zij drager zijn van een mutatie in het MEN1-gen of het VHL-gen. Zij kunnen bijvoorbeeld het MEN1 syndroom en het Von Hippel Lindau-syndroom (VHL) ontwikkelen.

 

NET behandelen

De mogelijkheden voor behandeling van NET zijn de laatste jaren toegenomen zodat ook de overleving van NET-patiënten, vooral voor de patiënten met metastasen, duidelijk langer is geworden. Lees meer onder NET behandelen.

 

Het neuro-endocriene systeem begrijpen

Ons lichaam bestaat uit miljarden cellen — elk met hun eigen uiterlijk en functie. Er zijn bloedcellen, botcellen, … en ook endocriene cellen en neuro-endocriene cellen.

 

Wat is het neuro-endocriene systeem?

Endocriene cellen bevinden zich in verschillende weefsels en organen in ons gehele lichaam maar vooral in de organen van het spijsverteringsstelsel en de luchtwegen. Ze vormen samen met het autonome zenuwstelsel (neuro) een netwerk dat de afgifte van hormonen regelt. We noemen dat het neuro-endocriene systeem. Dat systeem houdt ons gezond door te controleren wat er hormonaal in ons lichaam gebeurt zoadat alle weefsels en organen normaal kunnen functioneren.

 

Een gezond neuro-endocriene systeem, hoe werkt dat?

De endocriene cel wordt geprikkeld, produceert een hormoon en geeft die af aan de bloedbaan. Via de bloedbaan verplaatst het hormoon zich naar het doelwitorgaan waar het via hormoon-receptoren op het doelwitorgaan wordt afgezet. Het hormoon brengt in het doelwitorgaan een bepaalde reactie teweeg. Eén hormoon kan verschillende reacties hebben, afhankelijk van de receptor op het doelwitorgaan. Het neuro-endocriene systeem zorgt voor de prikkel waardoor de hormonen worden geproduceerd. Het hele huishouden verloopt goed wanneer de balans in hormonenaanbod en -vraag in evenwicht is.

 

Welk hormoon produceren endocriene cellen?

Het type hormonen, amines, peptiden (eiwitverbinding van twee of meer aminozuren) en hormoonachtige stoffen dat neuro-endocriene cellen afgeven, hangt af van het lichaamsdeel waarin ze zich bevinden, bijvoorbeeld:

  • In het spijsverteringsstelsel produceren neuro-endocriene cellen hormonen die helpen bij het afbreken van voedsel in onze darmen en het verplaatsen van voedsel door de dunne en dikke darm. De hormonen helpen zowel de opname van voedingsstoffen als het regelen van de transit. Bijvoorbeeld insuline, gastrine, glucagon, serotonine.
  • In het ademhalingssysteem produceren neuro-endocriene cellen hormonen die helpen bij de ontwikkeling van onze longen en de ademhaling reguleren.
  • In de hersenen produceren neuro-endocriene cellen hormonen zoals oxytocine (het ‘knuffelhormoon’ genoemd, het speelt een rol bij borstvoeding en bevallingen en in sociale contacten) en melatonine (geproduceerd in de pijnappelklier of epifyse, het helpt bij het reguleren van ons slaap-waakpatroon).
  • In de bijnieren produceren ze de hormonen die onze ‘vecht- of vluchtreactie’ beheersen – die de bloeddruk en hartslag kunnen beïnvloeden en ons angstig kunnen maken: catecholamines of stresshormonen waaronder adrenaline.

 

Wat doet een neuro-endocriene kanker?

Een abnormale groei van cellen wordt kanker genoemd. Zo is de abnormale groei van neuro-endocriene cellen NET kanker. Een abnormale celdeling kan overal in het lichaam in weefsels en organen waar neuro-endocriene cellen aanwezig zijn ontstaan en een gezwel (tumor) veroorzaken. De tumorcellen kunnen loskomen en doorgroeien in omliggende weefsels en organen waardoor uitzaaiingen (metastasen) van de tumor ontstaan.

Een neuro-endocriene kankercel kan groeien en/of hormonen produceren. Produceert de tumorcel hormonen dan zorgt het teveel aan hormonen in het bloed er voor dat de balans in hormonenaanbod en -vraag verstoord geraakt. Naargelang de plaats in het lichaam waar de tumor is ontstaan, geeft de overproductie aan hormonen specifieke klachten.

NET (neuro-endocriene tumor) en NEC (neuro-endocrien carcinoom) behoren tot de groep neuro-endocriene kanker.

Kenniscentra voor neuro-endocriene kanker in België

NET is een complexe kanker waarbij nationale en internationale samenwerking tussen ziekenhuizen, universiteiten en specialisten in verschillende disciplines erg belangrijk is.

De (door de EU aanbevolen/opgelegde) samenwerking vergroot de kwaliteit van het soms jarenlange zorgtraject en verhoogt de kans op overleven.

In België worden NET-patiënten vaak in meer dan één ziekenhuis behandeld: in een ziekenhuis dicht bij de woonplaats van de patiënt voor zorg en routine opvolging, en in een erkend gespecialiseerd ziekenhuis voor de complexe zaken. Een zorgcoördinator moet instaan voor een vlotte transitie tussen de ziekenhuizen. Om de zorg op de opnamedienst in het ziekenhuis te verbeteren is er een advies om NET-verpleegsters op te leiden.

 

Ziekenhuizen met ‘Center of Excellence’ label

Patiënten worden bij voorkeur behandeld in een ‘Center of Excellence’ (CoE) gelabeld ziekenhuis. Dat is een door ENETS opgericht netwerk van NET-centra wereldwijd. In België hebben twee ziekenhuizen een CoE erkenning: sinds 2011 UZ-Leuven en sinds 2017 NETwerk-Antwerpen.

 

Europese expertisecentra zeldzame ziekten

Op Europees niveau houdt men de term ‘Expertisecentra zeldzame ziekten’ aan. De website van OrphaNet laat toe nationaal erkende expertisecentra en Europese referentienetwerken (ERN’s) voor een zeldzame ziekte per land te zoeken. Ziekenhuizen/expertisecentra die lid zijn van ERN zijn referentienetwerken die professionals en expertisecentra uit verschillende landen helpen kennis te delen.

Wil je weten welke ziekenhuizen in België tot Expertisecentra Neuro-Endocriene Tumor behoren, raadpleeg de OrphaNet-databank.

 

Belgische referentiecentra voor zeldzame en complexe tumoren

De Belgische federale overheid (Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg – KCE) werkt sinds 2014 aan de erkenning van ziekenhuizen als ‘Referentiecentrum voor zeldzame en complexe tumoren’. Het KCE wil per categorie van zeldzame of complexe kankers slechts een beperkt aantal ervaren, erkende ziekenhuizen (referentiecentra) toelaten deze kankers te behandelen. Zo weten patiënten dat de ziekenhuizen waar ze voor dit soort kankers terecht kunnen, voldoen aan alle nodige voorwaarden voor een optimale zorg.

Op dit ogenblik bestaan enkel erkende slokdarm- en pancreascentra.

 

Multidisciplinair team (MDT)

Een team van artsen en zorgprofessionals (HCP’s) werken multidisciplinair samen om tot het beste behandelingsplan te komen. NET opvolgen en behandelen vraagt een therapie op maat waarover meerdere artsen met verschillende specialismen waken, zelfs als ze niet rechtstreeks samenwerken in hetzelfde ziekenhuis of land.

Special thanks to INCA to let us make use of the INCA-theme, developed by Weberest 

Behandeling van een Hormonaal Syndroom

Met somatostatine analogen

Somatostatine, een natuurlijk voorkomend hormoon, kan zich binden met de somatostatine receptoren op de tumorcel en zo abnormale hormoonvorming activeren. De somatostatine analogen blokkeren de somatostatinereceptoren en verminderen zo de hormoonvorming.

Somatostatine-analogen (b.v. octreotide, lanreotide) zijn synthetische versies van somatostatine. De octreotide-formule (merknaam Sandostatine) kan worden toegediend via een infuus, dagelijkse zelfinjecties, of een maandelijkse injectie met langzame afgifte (LAR). De lanreotide formule (merknaam Somatuline) kan om de week worden gegeven en in een maandelijkse formule met langzame afgifte (LAR).
De maandelijkse injecties worden meestal door beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg toegediend, maar het is mogelijk om de maandelijkse injectie met lanreotide zelf te injecteren.

Klassieke indicatie is het carcinoïd syndroom waarbij de klachten worden veroorzaakt door serotoninevorming bij een functionele dunne darm NET.
Ook NET op andere lokalisaties kunnen een hormonaal syndroom veroorzaken geïnitieerd door activatie van de somatostastine receptoren op de tumorcel en deze zijn dus gevoelig voor behandeling met somatostatine analogen.

Somatostatine analogen worden ook gebruikt voor tumor controle (zie hieronder).
Aanwezigheid van somatostatinereceptoren kan worden bepaald door functioneel onderzoek (Gallium-68 Dotatoc PET scan ) of een gericht weefsel onderzoek naar somatostatine receptoren (zie ook Onderzoek bij vaststellen, stadiëring en opvolging NET).

 

Telotristat

Telotristat is werkzaam door het blokkeren van de vorming van serotonine in de tumorcel.
Het is dus enkel werkzaam bij het carcinoïd syndroom waar vooral de verbetering van diarree bij patiënten die niet meer of onvoldoende beantwoorden op somatostatine-analogen werd aangetoond.
Het heeft geen effect op de tumorgroei.
Medicatie is beschikbaar in tabletvorm onder terugbetalingscriteria.

 

Andere

Andere modaliteiten die er vooral op gericht zijn om de omvang van de uitzaaiing te verminderen zoals embolisatie, PRRT en chirurgie kunnen ook een plaats hebben in de behandeling van medicamenteus niet te controleren klachten en worden verder besproken.

Behandeling van de tumor /oncologische behandeling

Chirurgie

Chirurgie is de enige therapie die een NET kan genezen. In afwezigheid van specifieke symptomen wordt de diagnose echter vaak laattijdig gesteld waardoor de tumor de kans krijgt om uit te zaaien (metastaseren), en niet meer in aanmerking komt voor curatieve chirurgie (niet-resectabel).
Wanneer de NET zich echter tot één plaats beperkt (locoregionaal) of er slechts weinig uitzaaiingen zijn, is chirurgie de gouden standaard. Na een volledige resectie is geen aanvullende medicamenteuze behandeling (adjuverende behandeling) aangewezen.
Ook als de tumor is uitgezaaid (metastasering), kan tijdens het behandelingstraject een operatie aangewezen zijn maar dan bijna altijd in combinatie met medicatie. Indicatie wordt weerhouden indien de tumor klachten veroorzaakt die door de chirurgische ingreep kunnen worden verlicht. Het doel van de ingreep is dan niet om een definitieve genezing te bekomen maar wel de tumor en klachten beter en langer onder controle te houden.
Chirurgie van de primaire tumor kan worden voorgesteld wanneer de NET door groei lokaal problemen veroorzaakt zoals een bijvoorbeeld een afsluiting (obstructie) of bloeding bij een dunne darmlokalisatie.
Heelkundige verwijdering van de uitzaaiingen in de lever(metastasectomie) wordt overwogen wanneer zo de zichtbare tumor volledig kan worden verwijderd. Soms wordt geopteerd om een (het grootste) deel van de tumor te verwijderen (debulking) wanneer de hormoonproductie in de metastasen klachten veroorzaakt die niet met medicatie te controleren zijn. Indicatie voor debulkingoperatie is controversieel en andere behandelingen zoals embolisatie vormen hier een alternatief.
Zeer zelden wanneer wordt voldaan aan strikte criteria wordt de indicatie voor een levertransplantatie besproken .
Wanneer de NET hormonen vormt (functioneel) is een medische behandeling voor de ingreep noodzakelijk.

 

Gerichte behandelingen

Somatostatine-analogen
Zoals hierboven besproken worden somatostatine-analogen aangewend voor symptoomcontrole maar inmiddels kon worden aangetoond dat bij NET die somatostatine receptoren hebben zowel octreotide als lanreotidede tumorgroei kan afremmen.
Gezien deze behandeling goed wordt verdragen is ze bij traag groeiende tumoren vaak de eerste keuze.
Aanwezigheid van somatostatinereceptoren kan vooraf worden bepaald door functioneel onderzoek (68 Gallium Dotatoc scan ) of een gericht weefsel onderzoek naar somatostatine receptoren. (zie ook Onderzoek bij vaststellen, staging en opvolging NET)

Everolimus
Everolimus (merknaam Afinitor) wordt gebruikt voor de behandeling van groeiende gevorderde pancreas-,niet-functionele gastro-intestinale- en long-NET.
Everolimus behoort tot de kinaseremmers en remt meer specifiek een eiwit, mTOR, dat bij bepaalde tumoren een rol speelt in de groei van de tumorcelen en nieuwvorming van bloedvaten in de tumor (neo angiogenese).

Sunitinib
Sunitinib (merknaam Sutent) wordt gebruikt in de behandeling van groeiende gevorderde pancreas NET.
Het is eveneens een kinaseremmer en remt de activiteit van verschillende celeiwitten die betrokken zijn bij de groei, nieuwvorming van bloedvaten en verspreiding van tumorcellen.

Zowel Everolimus als Sunitinib worden geleverd in de vorm van een capsule. Toediening is gebonden aan terugbetalingscriteria.
De behandeling vraagt een regelmatige opvolging voor eventuele nevenwerkingen met ook aandacht voor mogelijke wisselwerking met andere medicatie.
De behandeling gaat door zolang de NET onder controle wordt gehouden en goed wordt verdragen (dat wil zeggen geen of minimale bijwerkingen).

Andere proteïnekinaseremmers
Everolimus en Sunitinib behoren tot de groep van de proteïnekinaseremmers. Dit zijn geneesmiddelen die in de tumorcel bepaalde eiwitten (proteïnekinase) blokkeren. Proteïnekinsases zijn betrokken bij groei , nieuwvormingen van bloedvaten en verspreiding van de tumor.
Kinaseremmers worden bij verschillende tumoren gebruikt.
Bij NET tumoren zijn zoals besproken Everolimus (merknaam Afinitor) en Sunitinib (merknaam Sutent) geregistreerd.
Andere proteïnekinaseremmers werden reeds in studieverband toegediend en tonen signalen van activiteit maar zijn nog niet geregistreerd voor de behandeling van NET.

 

Chemotherapie

Chemotherapie heeft tot doel de groeiende cellen te doden of de groei af te remmen
Het kan een optie zijn voor gevorderde NET van pancreas , luchtwegen, en ook zelden NET van de gastro-intestinale buis.
Grootte, groei kenmerken bij weefselonderzoek en delingsactiviteit bepalen de beslissing en keuze van de behandeling.
Toediening gebeurt met tabletten of langs de bloedbaan en de behandeling gebeurt onder zorgvuldige opvolging van het oncologieteam.

 

PRRT (peptide-radionuclidetherapie)

Bij PRRT wordt de tumor hormoon-gedoseerd inwendig bestraald. Hiervoor wordt radioactieve stof (meestal Lutetium-177) gebonden aan een eiwit (DOTATATE) toegediend. Dit complex bindt zich selectief met de somatostainereceptoren van de tumor en wordt nadien in de tumorcel opgenomen.
Patiënten dienen te beantwoorden aan de selectiecriteria waarbij het belangrijk is dat de NET somatostatine receptor positief is en dit moet worden bevestigd door een somatostatine-receptor PET/CTscan (Gallium-68 Dotatate). (zie ook Onderzoek bij vaststellen, staging en opvolging NET)
De radioactieve stof wordt langs het bloed toegediend meestal in vier sessies.
PRRT is aangewezen bij dunne darm NET (midgut) die groeien onder een behandeling met somatostatine -analogen. Het kan ook in overweging worden genomen bij NET met andere lokalisaties die resistent zijn aan de beschikbare behandelingen.
De behandeling is effectief zowel wat betreft controle van de tumor als van (indien aanwezig) de hormonale klachten.

 

Locoregionale behandeling

Omvat behandelingsmodaliteiten voor leveruitzaaiingen.
Hierbij wordt via een katheter langs de lies kleine bolletjes of lijm ingespoten in de bloedvaten van de tumoren van de lever zodat de bloedtoevoer wordt geblokkeerd waardoor de tumor kan krimpen of afsterven(embolisatie).
Langs deze weg kan ook gericht chemotherapie (chemoembolisatie) worden toegediend of door de bolletjes te laden met radioactieve stof, een interne bestraling worden verricht (radioembolisatie)
Deze therapie kan aangewezen zijn wanneer de uitzaaiingen enkel of vooral in de lever aanwezig zijn.
Het vormt een alternatief of aanvulling voor chirurgische resectie of ablatie (vernietiging) van de leverletsels.
De behandeling is werkzaam zowel voor controle van de groei van de tumor als voor behandeling van de eventuele hormonale symptomen

 

Interferon

Interferon is een natuurlijk voorkomend eiwit dat een rol speelt bij de werking van het afweersysteem (immuunsysteem).
Als medicatie wordt het bij NET tumoren gebruikt voor behandeling, overwegend bij darm NET (midgut) indien geen andere mogelijkheden meer beschikbaar zijn.
Het is minder belangrijk in de huidige behandelingsstrategie.

 

Behandeling in studieverband

Het inzicht is evolutief en in de verschillende fasen van de therapie is het mogelijk dat er een behandeling in studieverband wordt aangeboden. Behandeling met onder andere proteïne kinasen (zie hierboven) en immunotherapie worden in studies getest.

 

Special thanks to INCA to let us make use of the INCA-theme, developed by Weberest 

© vzw NET & MEN Kanker